Berichten uit Brazilië

Vrijwilligers vertellen

Regelmatig helpen Nederlandse vrijwilligers voor langere periode mee in Brazilë. Ze schrijven dan over hun dagelijks leven, hun ervaringen bij REMER en over straatkinderen en krottenwijken in Brazilië. Op deze pagina kunt u met ze meeleven en -lezen.


Spoorloos in Brazilië...
(januari 2012- door vrijwilliger Jacoline Groenendijk)

Jacoline Groenendijk Afgelopen week was woensdag een heel bijzondere dag voor 5 kinderen van de Sítio. Zij gingen namelijk op familiebezoek. Dat is op zich niet heel bijzonder, maar in dit geval dus wel…
Zo’n negen jaar geleden zijn deze kinderen met hun moeder vertrokken uit het dorp waar zij woonden en zijn alle contacten met de familie verbroken. De moeder is met deze 5 kinderen gaan rondzwerven. Dit was niet goed voor de kinderen en zij zijn in een kindertehuis geplaatst, later overgebracht naar een ander kindertehuis en uiteindelijk op Sítio Shalom geplaatst.

Er is altijd contact met moeder gebleven, tot zij drie jaar geleden overleed. Toen waren deze 5 broertjes en zusjes, alleen op de wereld… Ze wisten wel dat ze vroeger ergens familie hadden, maar hoe en wat…. Dan is 9 jaar erg lang geleden. Op de Sítio zijn de maatschappelijk werksters gedurende twee jaar bezig geweest om te achterhalen of er nog ergens familie was en… uiteindelijk is er een tante gevonden, die helemaal enthousiast was aan de telefoon.

Vol spanning zijn we afgelopen woensdag op weg gegaan. Na een reis van zes uur kwamen we in het dorp aan. De oudste twee (17 en 15 jaar) begonnen zich weer dingen te herinneren: ‘Kijk, hier woonde die man, die ons altijd koekjes gaf, en o ja, daar is de tunnel!’ We hadden afgesproken bij het plein in het dorp en dan verwacht je: één tante en misschien nog iemand die staat te wachten, maar niets was minder waar. Er hing een welkomstbord en er stonden zeker 20 personen deze kinderen op te wachten. Geweldig!!! Het was net zo’n aflevering van Spoorloos. Ze omhelsden elkaar, er vloeiden tranen, er werd gepraat en gepraat…

De tante had babyfotos van hen meegenomen. Voor de jongste 2 (10 jaar) waren dit de eerste foto’s die ze zagen van toen ze klein waren. Voor hen was het wel vreemd, zij werden herkend, maar zij zelf kenden niemand. Voor de oudste 2 was het erg gaaf, zij herkenden mensen en hun grote glimlach is geen enkele seconde van hun gezicht af geweest. En de middelste (12 jaar). Ach, ze was stilletjes aanwezig, genoot van de aandacht, maar kwam toch steeds effe bij mij staan. Ze was emotioneel en leek niet zo goed te weten wat ze met de situatie aanmoest…

De tante was erg enthousiast: ‘Ik heb nooit kunnen dromen dat ik hen ooit nog zou zien. 9 jaar geleden zijn ze uit ons leven verdwenen en ontbrak ieder spoor. Maar God is goed voor ons, we zijn weer bij elkaar.’ De contacten zullen blijven en wie weet wat deze familie in de toekomst nog voor deze kinderen zal kunnen betekenen…

Volg de belevenissen van Jacoline op haar eigen weblog.



Eerste week in Brazilië
(augustus 2011- door vrijwilliger Niek Feron)

Niek als vrijwilliger voor REMER Vorige week ben ik aan de slag gegaan in Casa Betânia in Rio de Janeiro. We helpen de straatkinderen uit verschillende favelas. Deze kinderen zijn bijna allemaal verslaafd aan crack! Ze kunnen hun ogen niet openhouden en vallen soms ook boven hun maaltijd in slaap.
We bieden ze dagopvang, waar ze kunnen uitrusten, douchen, nieuwe schone kleren en een goede maaltijd krijgen. En voor sommige een beurt van de tondeuse.

Mijn eerste week hier was wel even wennen, heel anders dan het werk op de Sítio. Ik vind het triest om te zien dat waneer de kinderen om 16:00 uur Casa Betania weer verlaten, ze eigenlijk nog lang niet fit genoeg zijn. Wat ik wel mooi vind is dat veel van de kinderen toch vrolijk zijn en je echt bedanken voor de dag! Dat is zeker mooi als ik met deze kinderen getafelvoetbald heb, of met hun een spelletje deed.
Dicht bij het huis is een voetbalveldje met kunstgras. Ik ben met Bruno (een collega) daar gaan voetballen met de kinderen Dit was echt leuk. Andere Braziliaanse kinderen voetbalden daar ook en we konden dus snel twee teams maken.
Het tempo van het voetbal ligt alleen niet zo hoog... Eén van de jongens, die nog flink onder de invloed was van crack, ging steeds weer op het veld in de schaduw liggen.

Als ik 's avonds ergens heen ga neem ik de bus. De bus rijdt dan door donkergeel verlichte straten in Rio de Janeiro, die er onheilspellend uitzien. Lege straten met veel troep op straat, opengetrokken vuilniszakken en straatvuurtjes: het vuilnis word verbrand. Als ik dit vanuit de bus zie, vraag me wat er allemaal achter de gesloten deuren gebeurt. Vanaf Central (metro/ treinstation in Rio) liep ik geregeld naar huis. Dat is geen fijne buurt om rond te wandelen. Toen in Casa Betania aan het werk was, was er ook een jongen die verklaarde dat hij bij Central mensen heft beroofd met een mes. En dat doet hij waarschijnlijk nog steeds. Ik dacht meteen: "Jee! dat had ik gisteren ook kunnen zijn!". Het was zo´n rare gewaarwording dat ik daar met die jongen praat en een spelletje speel, die mensen moet beroven om te overleven! Als ik vrij ben en ik ga leuke dingen doen in de stad, denk ik vaak aan de kinderen die ik ontmoet heb in Casa Betania, ik denk dan: "Wat zouden Thiago, Eriberto of Juan nu aan het doen zijn? Liggen ze nu in volledig buiten westen ergens op straat? Waarschijnlijk heb ik het dan bij het rechte eind...

Volg de belevenissen van Niek Feron op zijn eigen weblog.



Casa Bêtania
(Mei 2011- door vrijwilliger Niek Feron)

Niek als vrijwilliger voor REMER Donderdagavond ben ik aangekomen in Rio de Janeiro. Ik ben van het vliegveld opgehaald door Robert Smits.
In de avond hebben we de sportclub Sparta bezocht waar veel kinderen aan het voetballen waren. Dit is een sportclub in een favela.

Vrijdagmorgen ben ik meegegaan naar het opvanghuis voor straatkinderen, deze straatkinderen zijn veelal aan crack verslaafd! Toen we aankwamen lagen er al 2 kinderen voor de deur te wachten! Daarna ben ik met de straatwerkers meegegaan naar 2 verschillende favelas. Daar wordt de straat opgegaan om kinderen die verzorging nodig hebben mee te nemen naar een lokaal waar koekjes, fruit en water wordt uitgedeeld.
Een aantal van deze kinderen gaan hierna weer terug de straat op, de overige gaan mee in de bus, ze worden naar het opvangtehuis gebracht. Daar krijgen ze een goede lunch, kunnen ze douchen en vooral veel slapen! Het is echt een heftige ervaring om te zien hoe straatkinderen hier leven en dat ze echt allemaal aan crack verslaafd zijn.

Tegen de middag ben ik met Robert richting Sítio Shalom in Pequeri gegaan. Ik heb hier een mooi huisje met een uitzicht over de heuvels! Ik heb kennis gemaakt met de kinderen door met ze te praten en vooral veel te voetballen. Ook ben ik mee naar de kerk geweest. Er wordt veel gezongen, gedanst en gebeden!

Volg de belevenissen van Niek Feron op zijn eigen weblog.



Stoppen met beroven...
(21 februari 2011- door vrijwilliger Jacoline Groenendijk)

Jacoline als vrijwilliger voor REMER Ik ontmoette vandaag een jongen in het inloophuis. Hij kwam binnen en riep: ’Hé tia (tante) Jacoline, herinner je je mij nog?’
En ik kreeg spontaan een knuffel. Hij vertelde dat hij de afgelopen twee maanden in de jeugdgevangenis had gezeten. Tijdens een verlof ontsnapte hij en was nu dus op de vlucht voor de politie. Hij vertelde dat hij zijn leven wilde veranderen en niet meer op straat wilde leven. ‘Ik wil terug naar het huis van mijn vader, gaan werken, een cursus volgen, voetballen. Mijn grote droom is om brandweerman te worden, want dan kan ik mensen redden!’

Nadat hij vertelde dat hij gisteren nog een vrouw van haar tas beroofd had, zei hij: ‘Om mijn leven te veranderen moet ik stoppen met het beroven van mensen.’…
Het is ongelofelijk, als ik met hem praat is het echt zo’n geweldig, lieve knul, hij lijkt de goedheid zelve, maar op straat is dat toch wel anders: Daar telt maar één ding: overleven!

De maatschappelijk werkster is met hem op weg gegaan om hem te helpen om weer naar huis te gaan. Hopelijk gaat het hem lukken en kan hij thuis blijven.


Een andere jongen die ik van de week ontmoette, was een jongen van 13 jaar. Hij werd het huis in gedragen, omdat hij niet kon lopen: Hij was gewond aan zijn benen. Ook had hij grote wonden op zijn rug! Hij vertelde dat hij was aangereden en dat ze hem daarna hadden laten liggen op straat. We zijn met hem naar de dokter geweest en wilden hem helpen om van de straat te blijven, in ieder geval tot zijn wonden zijn genezen. Maar dat wilde hij per se niet. Aan het eind van de dag hebben we hem terug gebracht naar de plek waar hij ‘woont’. Een hol onder een viaduct. Hoe moet dat verder met hem en zijn wonden? Je moet er toch niet aan denken dat hij een infectie krijgt aan die wonden. Vreselijk!

Zo realiseer ik vaak weer hoe moeilijk het voor kinderen is om te overleven op straat, maar ook hoe moeilijk het voor ze is om de straat de rug toe te keren…

Volg de belevenissen van Jacoline Groenendijk op haar eigen weblog.



24 uur zonder water
(12 februari 2011- door vrijwilliger Bram van Workum)

Sitio Shalom bij nacht We hebben alweer genoeg te doen gehad de afgelopen dagen! Ergens was een transformator kapot gegaan door kortsluiting. Daardoor zat de Sitio 24 uur zonder water en stroom. Nu zijn Robert en zijn mensen hier voortvarend te werk gegaan en hebben we weer stroom. Je merkt pas goed hoeveel water je gebruikt als je het niet hebt...

De Sitio is in ieder geval klaar met de zomervakantie en druk bezig met het nieuwe jaar. Het paviljoen is tegenwoordig de ‘Cantina literario’ (bibliotheek) en het gebouw waar dat eerst zat is nu voor de tieners die meer zelfstandig kunnen wonen. Er wordt een huisje vrijgemaakt, dat gebruikt gaat worden als wenplek voor nieuwe kinderen. Later zullen ze dan doorverhuizen naar andere huizen waar ze goed op hun plek zijn.
De vrijwilligers moeten tegenwoordig wonen in het huis op de heuvel waar Robert en Janine een paar jaar geleden hebben gewoond. Nu is dat relatief kleiner vergeleken bij de ruimte van het paviljoen en dus heb ik een ander huis op de Sitio opgeknapt met wat medewerkers van hier.

De sitio is al met al flink in beweging en ik heb nog maar 3 maanden, helaas. Binnenkort begin ik eindelijk met ICT lesjes voor de kinderen want ik heb een lokaaltje met wat pc’s ingericht. Internet op de Sitio zelf is er nog niet. Ik ben wat dat betreft ook afhankelijk van mensen die niet altijd weten hoe het moet en diegenen die het wel weten hebben niet altijd tijd. Al kan ik zelf veel doen, ik ken ook niet alle ins en outs in Brazilie. Ik geef niet op en het zal tot het laatste moment spannend blijven of het internet ook op de hele Sitio gaat werken!

Volg de belevenissen van Bram van Workum op zijn eigen weblog.
http://bramvanworkum.waarbenjij.nu/



Kinderen Sítio Shalom bouwen huttenkamp
(21 januari 2011- door vrijwilliger Bram van Workum)

Sitio Shalom bij nacht Het slechte weer van de afgelopen weken lijkt voorbij te zijn. Tijd om de schade op te nemen: op de Sítio zelf is er weinig voorgevallen en buiten een of twee gevallen dakpannen doet alles het nog.
Echter zitten we door het noodweer wel al heel lang zonder telefoon en internet. Dat is lastig voor de medewerkers maar ook voor de kinderen. Ikzelf heb aardig wat tijd en geld in een computerleslokaaltje en WIFI antennes gestopt en heb antennes gemaakt die signaal over zo'n beetje het hele terrein brengen. Maar zonder een internetsignaal heeft dat niet heel veel zin, vooralsnog zitten we zonder contact met de buitenwereld. De meeste medewerkers moeten thuis werken en dat maakt afspraken maken lastig. Toch hoop ik dat ik een mail vanaf de boerderij kan sturen voordat ik weer naar Nederland vertrek.

De kinderen en jongeren zelf zijn nu meer bezig met het bouwen van ons kamp waar we nachten gaan slapen. Claudio, een man uit Pequeri wiens vrouw in een huisje met kinderen werkt, heeft hierbij enorm geholpen. Zo hebben we nu een hut om te vissen op het meer maar dit dient ook als theatertje. Tevens hebben we een hut om in te slapen en een plek voor een kampvuur met barbecue.

Dit is vooral een mooie activiteit voor de jongens hier op het terrein die niks liever doen dan in de blubber rondstappen en vissen. ´s Nachts rennen ze tussen de vuurvliegjes achter de kikkers aan en overdag trekken ze enorme vissen uit het meer die in de vriezer verdwijnen.



Noodweer voorlopig zonder grote gevolgen voor REMER
(januari 2011)

de weg naar Sitio Shalom De afgelopen dagen leest u in het nieuws regelmatig berichten over de noodlottige gevolgen van zware regenval. Volgens vrijwilliger Bram van Workum heeft REMER er tot nu toe gelukkig weinig last van:

"We hebben inderdaad veeeeel regen hier. Gelukkig geen ernstige schade, maar educadores die ver weg wonen moeten soms omrijden omdat gebruikelijke wegen kapot zijn. Ook enkele toegangswegen naar Pequeri zijn beschadigd, maar alle bussen rijden nog.
Ik hoorde vandaag dat een bruggetje naar Bicas onder water staat (een paar centimeter), dus als het nog gekker wordt zou het kunnen dat we enigszins afgesloten raken.

Op de Sítio merk je wel slijtage door de regen. De toegangsweg is eigenlijk meer een rivierbedding geworden en er brokkelt van alles af. De verf bladdert her en der ook, omdat de huizen al het water opnemen waardoor de verf en het cement zacht wordt en er af valt.

Geen grote dingen dus maar wel veel modder. Ik heb echter veel jongeren zo gek gekregen om hutten te bouwen en volgende week gaan we gewoon kamperen bij het meer."



Het is oorlog in Rio de Janeiro
(10 november 2010 - door Jacoline Groenendijk)

Afgelopen weekend dacht ik nog: wat is Rio toch een geweldige stad. Op dit moment kan ik alleen maar denken: wat is Rio een gewelddadige stad!

Gewapende politie jaagt op drugsbendes uit de krottenwijk Misschien hebt u iets gelezen in het nieuws over de situatie in Rio. Vanaf zondag zijn er verschillende aanvallen op politiebureaus geweest van drugsbendes, en zijn bussen, vrachtwagens en auto’s overvallen en in brand gestoken.
De politie slaat met harde hand terug en heeft zo’n 17.500 (!!!) mensen ingezet om het geweld te beteugelen. Ook worden er helikopters en tanks van het leger ingezet. Kinderdagverblijven en scholen sluiten. Bussen rijden niet meer. Het is een zooitje hier. Iedereen praat erover. De mensen zijn bang en zeggen: ‘De stad is gek geworden.’

Ik heb maar één conclusie: Er is een oorlog losgebarsten in Rio.

Niet op één plek, maar door heel de stad zijn er aanvallen, vuurgevechten, etc. De nieuwsberichten hier melden dat er al meer dan 30 mensen gedood zijn, 159 gearresteerd en 37 voertuigen in brand gestoken. Het is niet duidelijk of alle doden ook leden zijn van een drugskartel. Nabestaanden zeggen dat er ook onschuldige burgers zijn gedood. Eén van de slachtoffers is een jongen van 14 jaar, een kind nog. Hij overleed nadat hij in de rug geschoten werd.

En te midden van dit geweld leeft onze doelgroep: de straatkinderen. Zij leven in deze wijken, hun familie woont daar, zij werken voor die bendes. Ook in de wijken waar wij werken wordt gevochten. Woensdag wilden we straatwerk doen in de favela Manguinhos, maar we werden gewaarschuwd om niet naar binnen te gaan. De politie was de wijk ingevallen en dan is het erg gevaarlijk. Er zijn verschillende vuurgevechten geweest. Tanks die de wijk binnen rijden, in de lucht hing een politiehelikopter en je zag de mensen de wijk uit vluchten, rennend voor hun leven. Op straat zie ik mega-veel politieauto’s rijden. We zijn de wijk niet ingegaan, maar hebben in de buurt de broodjes uitgedeeld. Vandaag hoorde ik dat er in die wijk ook 7 mensen doodgeschoten zijn.

Het voelt werkelijk te bizar voor woorden om hier zo middenin te staan. Toch gaan wij met REMER door om de kinderen juist nu te helpen.