Beste vrienden,
Donderdag 31 mei werd ons allernieuwste huis geopend. Tijdens het feest gingen mijn gedachten weer eens terug naar het jaar 1989. In die tijd was het enige werk van REMER het straatwerk. Iedere avond gewapend met broodjes, medicijnen, spelletjes en een Bijbel naar het plein 'Central' waar tientallen straatkinderen leefden. Het vertrouwen van de kinderen konden we na enige tijd winnen, maar de kinderen vroegen om een huis. Zij waren bang in de nachtelijke uren, want vele kinderen werden mishandeld en vermoord. Wij kochten ons eerste terrein aan de Rua da América, maar daar moest eerst nog een huis op worden gebouwd en dat zou tijd kosten. Tijd die vele straatkinderen gewoon niet zouden hebben!! In je ééntje ‘s avonds op straat werken viel niet mee: vele hongerige kinderen die met elkaar om de broodjes en limonade vochten; zo snel mogelijk het eerste broodje naar binnen werkten om zo snel mogelijk een tweede te verkrijgen en wie weet een derde. Gelukkig was er André! Hij was dertien jaar en de leider van de kinderen van Central. Hij zorgde ervoor dat het uitdelen redelijk goed werd geregeld. André beschermde de anderen, maar wee degene die zich niet aan de regels hield. Wat was hij echt intens blij toen wij hem vertelden dat zolang het huis nog niet afgebouwd was, wij een voorlopige andere voorziening hadden gevonden. Hij telde de dagen af, nog 8, nog 7, nog 6 enz...De opening heeft hij niet meegemaakt. Hij werd die avond op de parkeerplaats met vele kogels vermoord!!. Het had ons kunnen ontmoedigen, maar zijn droom gaf ons juist de kracht om door te gaan. Bij elk feest en elke opening lijkt het of André erbij is, alsof ik hem achteraan zie staan met zijn brede glimlach. REMER vangt nu in 11 huizen jaarlijks honderden kinderen op.
Zoals ik de laatste keer al schreef, het geweld in Rio is volgens mij hetzelfde als de afgelopen 20 jaar, alleen wordt er nu meer aandacht in de media aan besteed (eerst nationaal en nu ook internationaal). Wel vallen er nu duidelijk meer onschuldige slachtoffers door verdwaalde kogels. Sommige ziekenhuizen zijn overvol. De gouverneur doet er alles aan om het geweld in te perken en in sommige favela’s wordt een ware oorlog gevoerd. Politie en drugsbendes hebben geen enkel respect voor de bewoners (vaak kinderen) die in de gevechtslinies wonen. Soms vraag ik mij af wat de werkelijke reden van de regering is. Heeft het iets te maken met het feit dat in juli de Pan-Amerikaanse spelen in Rio worden gehouden? 750.000 toeristen zullen van buiten komen, en in tegenstelling tot de situatie ten aanzien van het normale toerisme (waarbij de toerist alleen in de zuidelijke zone verblijft) liggen de verschillende sportterreinen in het noorden van de stad waar veel krottenwijken zijn.
Sparta - Rio de Janeiro
Ricardo is 15 jaar. Hij voetbalde van jongs af aan bij Sparta, maar op zijn dertiende verliet hij club en school en nam zijn intrek bij de drugsbende. Omdat hij een jaar geleden in zijn been is geschoten, deed hij het een tijdje wat rustiger aan en hing hij wat rond bij het schooltje van de club. Omdat hij een goede band kreeg met Pedro (president Sparta) deed hij af en toe wat boodschappen, daarna was hij altijd van de partij met opknapbeurten. Na een bepaalde tijd ging hij weer terug naar de drugsbende, maar zoals hij dat zelf omschreef: "Ik voelde mij er niet meer thuis. Ik wist dat ik totaal verkeerd bezig was. Ik wil leven; ik wil een toekomst!"
Ricardo is weer terug naar school en wil later iets met computers doen. Het mooie is dat hij een voorbeeld is voor zijn moeder, die ook bij de bende werkt. Zij doet er nu alles aan om de misdaad de rug toe te keren.
Het schooltje wordt inmiddels uitgebreid. Wij hebben een pandje ernaast gekocht, daar krijgen nu 111 kinderen bijlessen. Het eerste gebouw krijgt een opknapbeurt, daar komt vanaf 10 juni in één zaaltje de eerste bibliotheek van de morro da Providência; in de andere 2 zaaltjes komen een kinderspeelkamer en een computerruimte.
Ook ‘s avonds blijft Sparta in de gehele wijk de enige plek waar gesport kan worden: honderden kinderen maken daar iedere week weer gebruik van.
Straatwerk REMER - Rio de Janeiro
Samen met enige directieleden van REMER waren wij ‘s avonds op straat met Nando (onze straatwerker). Hij was blij met onze hulp, want zo kon er aandacht worden besteed aan meerdere kinderen. Helemaal aan het einde werden wij geroepen door een zeventienjarige jongen: of wij voor zijn vriendin wilden bidden die ziek was. Hij nam ons mee door een smal gat in een muur onder een viaduct. Je kon er niet rechtop staan en het was er aardedonker. Niet alle directieleden durfden het gat in te gaan. Gelukkig bestaan er zaktelefoontjes met een lampje zodat wij iets konden zien (wat een tegenstelling op zo’n moment!). Er sliepen meerdere mensen in verschillende hoeken. Op twee meter hoogte raasde het verkeer over ons heen. Wij werden door Adriano geleid naar zijn vriendin (19 jaar), maar wat ons toen schokte was het beeld van haar 4 kleine kinderen (van 1 tot 5 jaar) die op de koude en smerige grond sliepen. In deze ruimte vol met kakkerlakken en ratten zouden wij het nog erg vinden als een hond daar moest slapen!! Lange tijd was het héél stil. Hulp zal worden geboden.
In de afgelopen 4 maanden heeft Nando 140 verschillende straatkinderen benaderd op het bus- en treinstation. 25% van de straatkinderen is meisje, bijna elke puber heeft een kind of is zwanger. 97% van de kinderen heeft een vader of moeder. Veel tijd zit in het bezoeken van de familie die vaak in afgelegen wijken woont en het gebeurt ook dat hij (Nando), éénmaal aangekomen niemand thuis aantreft. Daarom zijn wij zo blij met het nieuwe volkswagenbusje dat REMER heeft verkregen via een gift, dat maakt het werk zoveel efficiënter.
Inloophuis (Casa Betânia)
Na de opening van het opvanghuis is dit inloophuis geopend op 8 juni. Huize Betânia is in zijn geheel weer opgeknapt. Iedere middag (tussen 13:00 en 16:00 uur) komen verschillende straatkinderen uit het centrum naar dit huis voor een douche, eten, medische zorg, maar vooral voor een liefdevolle arm om de schouders en om samen een weg te zoeken om de straat de rug toe te keren. Om het accent te kunnen leggen op kwaliteit in plaats van op kwantiteit, beperken we het aantal kinderen per dag tot 8 à 10. Hier werken een groepsleider, een psychologe, een maatschappelijk werkster en een dominee. Verder werkt Adriano hier als extra hulp. Op de eerste verdieping liggen de kamers waar de meeste kinderen zijn, op de tweede verdieping zijn de verschillende kantoren voor individuele hulp. Vanuit dit huis verwijzen wij de kinderen door naar familieleden, mocht dit niet op korte termijn lukken, dan gaan zij naar ons opvanghuis.
Vanwege de Pan-Amerikaanse spelen heeft het Ministerie van Justitie ons benaderd om een project in te leveren, zodat wij 6 maanden financiële steun kunnen verkrijgen voor het straatwerk en inloophuis. Wij verdubbelen dan onze werkers zodat wij dan nog meer kinderen sneller van de straat kunnen halen. Het antwoord verkrijgen wij half juni. Duidelijk wordt wel weer wat de reden is voor deze toenadering: hoe moeilijk is het niet om financiële steun te krijgen en nu kan het opeens, omdat de stad straatkindvrij (voor de toerist en de veiligheid) gemaakt moet worden, zijn er ineens mogelijkheden!.
Opvanghuis (Casa Nova Esperança)
Er viel toch meer aan op te knappen dan we verwacht hadden, enkele papieren lieten langer op zich wachten dan verwacht en Brazilië blijft natuurlijk Brazilië, maar eindelijk werd op 31 mei het prachtige nieuwe huis geopend! De 7 kinderen die nog in Betânia woonden waren al dagen zenuwachtig en telden de uren af. Om 13:00 uur verhuisden zij naar het nieuwe huis. Toen ze daar aangekomen waren, konden zij nog niet naar binnen, omdat er een lint voor de deur zat. Het huis moest eerst nog officieel geopend worden. Om 14:00 uur vond de feestelijke opening plaats, waarbij ongeveer 50 mensen aanwezig waren, waaronder verschillende autoriteiten. Verschillende toespraken werden gehouden en eindelijk werd er eerst een plaat bevestigd aan de muur met daarop een dankwoord voor Woonwille en Deloitte die verantwoordelijk zijn geweest voor de aankoop en het verbouwen van huize Nova Esperança.
Daarna knipten de jongste twee kinderen van het nieuwe huis het lint door, de kinderen stoven door de huiskamer meteen naar boven om hun slaapkamer te bewonderen en deze weer aan de anderen te laten zien. Wat waren zij trots op hun nieuwe huis! In dit huis kunnen 10 kinderen 6 maanden wonen totdat wij onderdak bij hun familie hebben gevonden. Is er helemaal niets voor hen, dan kunnen zij eventueel naar de Sítio Shalom. Het was voor ons allemaal een heel emotionele middag, eindelijk onze eigen Nova Esperança, een huis met de passende naam Nieuwe Hoop.
De maatschappelijk werkster vertelde mij vandaag dat de moeder van João (12 jaar) hem vandaag bezocht heeft en dat hij voor het eerst in jaren vertelde dat hij eindelijk van een plek houdt.
Het echtpaar dat hier gaat werken, is jammergenoeg niet het echtpaar Paul en Shirley van Rijn. Paul heeft om verschillende redenen besloten om tijdelijk (of misschien wel voorgoed) naar Nederland terug te gaan. De werkers en vooral de kinderen missen Paul ontzettend!! Het is voor mij persoonlijk heel vreemd en moeilijk dat hij bij ons weg is, maar gelukkig kunnen zijn familie en vrienden in Nederland na zoveel jaren afwezigheid weer van hem genieten. Alfredo en Rosana zijn het nieuwe echtpaar dat 23 dagen bij de kinderen in huis zal wonen; Erivan en Aparecida zijn hun vervangers.
REMER - Minas Gerais
Degenen die al langere tijd met ons meeleven, zullen zich nog wel het verhaal herinneren van het 4-jarige jongetje dat op de Sítio kwam, omdat hij door zijn verslaafde moeder in zijn rug was gestoken. Dit jongetje is inmiddels al weer geruime tijd geleden geadopteerd door een gezin in Pequeri. Begin juni werd door het ziekenhuis en justitie van Juiz de Fora zijn 3-jarig broertje naar de Sítio gebracht. Ook hij was mishandeld. Het gaat nu lichamelijk goed met hem, maar emotioneel... Hij praat alleen maar over slaan, dood en moord, en heeft vreselijke nachtmerries. Zijn moeder wordt door justitie gezocht.
Mauricio is het jongetje dat eind 2006 van het busstation in Rio naar de boerderij kwam. Het gaat nu heel goed met hem. Vooral over school is hij erg enthousiast. Op zondagavond hebben wij altijd met z’n allen een kerkdienst. De meisjes dansen meestal op muziek en playbacken. Een paar weken geleden staat ineens Mauricio swingend samen met zijn maatje tussen 4 swingende meisjes. Prachtig!! Een aantal maanden geleden snoof hij nog terpetine en probeerde hij te overleven op straat!
Jairo is getrouwd op de boerderij. Het was natuurlijk een geweldig feest. Hij en zijn vrouw zijn allebei best verlegen. De kerkdienst en alle aandacht waren voor hen maar niets (maar ja, dat geldt voor velen van ons, denk ik zo), en ja dan die kus, eerst wilden ze maar niet, maar dat kun je wel aan de kids van de Sitio overlaten, die schreeuwden net zo lang totdat hij uiteindelijk werd gegeven.
Adriana is niet meer teruggekomen op de Sítio als coördinatrice, Renata die haar rol tijdelijk had overgenomen, is nu officieel coördinatrice van REMER-Minas.
De gemeentes van Pequeri en Bicas zijn al aardig betrokken bij het financieel ondersteunen van ons werk, gelukkig komt daar nu ook Juiz de Fora bij dat het studentenhuis wil ondersteunen.
Ik wil jullie allemaal uit naam van alle kinderen en medewerkers van REMER en SPARTA ontzettend bedanken voor jullie zo belangrijke steun. Wij kunnen dit alles alleen doen, door jullie steun in welke vorm dan ook!
Wij wensen jullie dan ook Gods Zegen toe en vragen jullie te bidden voor alle kinderen in risicosituaties.
Met de allervriendelijkste groeten,
Oetsia, Moises, Janine en Robert Smits

